# Als je religieus bent, zie je de eenheid, de verbinding: interview met Sander van Ankeren

In september 2004 hielden we een vraaggesprek met Sander van Ankeren, organisator van lezingen over spiritualiteit voor ‘Naderend Vuur’. Sander is geïnspireerd door de gnostische traditie zoals die onder meer beschreven wordt door de bekende auteur Jacob Slavenburg, met wie hij persoonlijk bevriend is.

Hoe zie jij spiritualiteit?
Ik maak een onderscheid tussen geloof en religie. Geloven heeft betrekking op een soort uiterlijke spiritualiteit, die gericht is op allerlei geboden en verboden. Religie komt neer op een gerichtheid op de goddelijke kern in jezelf, waarbij je ook je schaduwkanten, je moeilijke kanten accepteert. Vandaar draag je dan ook zorg voor je medemensen en probeer je te voorkomen dat je ze pijn doet. Premier Balkenende vind ik een duidelijk voorbeeld van een gelovig mens.

Je hebt een handicap, heeft dat je kijk op dingen beïnvloedt?

Ja, ik ben spastisch en zit in een rolstoel. Ik ben door een pokkenprik gehandicapt geraakt. Ik kreeg er hersenvliesontsteking van en ging bijna dood. Ze stopten me toen eerst in een tehuis voor geestelijk gehandicapten en toen bleek dat ik geestelijk niets mankeerde, in een revalidatiecentrum.
Door een handicap word je heel erg geconfronteerd met jezelf.
Ik ben in Zeeland opgegroeid, als niet-gelovige jongen tussen de gereformeerden, oftewel grefo’s zoals ik ze doorgaans noem. Zo kwam ik er al snel achter dat we in Nederland een beetje in een zieke maatschappij leven. Het calvinisme is de collectieve ziekte van de Nederlanders. “Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg” en “Je mag niet in jezelf geloven” zijn bekende kreten in die kringen.
Ook heb ik vaak meegemaakt dat zieke kinderen waren opgegeven door de artsen en dan toch voor zichzelf knokten doordat ze geloofden in zichzelf. Ook al waren ze opgegeven door alles en iedereen. Er zaten ook mensen tussen die op sterven lagen en toch nog een enorme kracht hadden. Ik heb gezien hoe een 16-jarige jongen ten dode opgeschreven was en toch nog in leven wist te blijven totdat zijn begeleidster terugkwam van vakantie.

Heb je een moeilijke jeugd gehad?
Nou, niet in de zin dat ik eenzaam was of zo. Ik kreeg als jongen al snel heel veel vrienden. De helft van mijn klas ging dood, en daar wilde ik niet steeds mee geconfronteerd worden, zodat ik vaak naar het dorp ging om naar het voetballen te kijken en te schaken. Veel van mijn vrienden moesten op zondag verplicht naar de kerk. Ze mochten niets en juist daarom haalden zij veel rottigheid uit. Ze dronken bijvoorbeeld veel en moesten dan kotsen tijdens de kerkdienst.
Op zondag mochten ze alleen gaan zwemmen of in de duinen wandelen. Ik vond dat zo onterecht dat ik zelfs (als ongelovige) op catechisatie ben gegaan om erachter te komen waar dat nu precies stond. Ik kreeg daarbij wel gelijk dat het eigenlijk niet in de bijbel stond, maar het haalde verder niks uit.
Later ben ik zelfstandig allemaal boeken gaan lezen, over psychologie, Fritjof Capra, Jung (waar ik een groot fan van ben) en gnosis.
Op school kreeg ik een hele brede opvoeding. De pedagoog stelde me bijvoorbeeld de eerste keer al de filosofische vraag: “Wie is Sander?”
Ik heb me ook nooit gehandicapt gevoeld, maar ik voelde juist altijd een enorme kracht in mezelf. Alleen heb ik wel rond mijn elfde een keer een periode gehad dat ik me afvroeg waarom mij die handicap was overkomen. Maar ik ben daar toen al snel weer overheen geholpen.
Ik heb van mijn vierde tot mijn zeventiende in een revalidatiecentrum gewoond en daarna in een wooncentrum voor lichamelijk gehandicapten in Amstelveen. Daarin voelde ik me niet thuis, want de bewoners waren er gehospitaliseerd terwijl het personeel geïnstitutionaliseerd was. Dat betekende dat iedereen afhankelijk was geraakt van de situatie.
Ik heb er een aantal zelfdodingen meegemaakt die veroorzaakt werden door het klimaat in het wooncentrum. Als je er ‘teveel’ voor jezelf opkwam werd je domweg niet geholpen. Die zelfdodingen hadden echt voorkomen kunnen worden bij een goede begeleiding.
Al snel zorgde ik dat ik er overdag bijna niet was. Ik sliep er dan wel ’s nachts, maar overdag zat ik in Uilenstede, echt “the place to be”. Vanwege alle activiteiten op cultureel gebied, het bruist er van het leven. Er wonen allemaal actieve, werkende mensen. Uiteindelijk ben ik dus ook in Uilenstede gaan wonen nadat ik me er zelf voor had ingeschreven. De verpleging had me niet in staat geacht om alles op orde te hebben, maar dat bleek te berusten op projectie.

Was je blij uit dat wereldje te zijn?
Ja, maar ik schrok ook van al die mensen die niet bij hun kracht konden komen. Ik heb altijd een basiskracht gevoeld en nooit de neiging gehad om me naar beneden te laten halen. Er is heel wat afgehuild bij mij op de bank, ik bied altijd een luisterend oor aan mensen.

Is dat je komen aanwaaien?
Nee, dat ook weer niet. Ik heb het zelf echt moeilijk gehad met al die jonge mensen in mijn naaste omgeving die dood gingen. Er treedt dan een soort beschermend principe in werking. Op een gegeven moment kwam iemand van de verpleging mij ’s nachts huilend vertellen dat er weer eens een medebewoner was overleden. Ik reageerde tamelijk gevoelloos: “Ja, en? Dat weet je toch als je hier werkt!” Toen was ik zelf 18 a 19 jaar.
Ik was dus wel behoorlijk afgestompt in die tijd. Maar ik heb toen heel veel boeken over psychologie en dergelijke gelezen. Toen ik in rustiger vaarwater belandde begon mijn ‘jihad’, mijn innerlijke strijd. Toen ben ik al die nare ervaringen gaan verwerken. Zo’n innerlijke strijd is veel moeilijker dan een uiterlijke strijd. Ik moest alles een plek geven.
Daarom ben ik ook die lezingen gaan organiseren, als hobby.
Ik ben spastisch, maar ik heb geleerd om mijn spasmen onder controle te krijgen door middel van yoga en meditatie, door het creëren van innerlijke rust. Bij stress kunnen die spasmen weer terugkomen.

Wat heb je zoal geleerd van die spirituele verkenningen?
Ik heb me vooral toegelegd op gnostische scholing, autodidactisch en door middel van lezingen in Amsterdam, onder andere van de bekende Ina Vonk, die toen nog verbonden was aan Stichting Merkawah. Het eerste wat ze zeiden, was dat je goed bent zoals je bent.
Ik heb lichte trance-oefeningen gedaan waarbij je onbewuste processen in jezelf bekijkt en beelden naar boven haalt, zonder te oordelen of te veroordelen (dat moet je dus ook afleren). Dat maakte dat ik in zekere zin terugging naar vorige levens en ontdekte dat ik een Duitse soldaat was geweest uit de laatste wereldoorlog die mensen gevangen had genomen. Ik ben nu dus zelf gevangen in een rolstoel.
Tijdens zo’n oefening ben ik ook teruggegaan naar een periode voor de geboorte, en toen bleek dat ik niet geboren wilde worden. Let wel, ik geloof niet in lineaire reïncarnatie, maar eerder in een verband buiten tijd en ruimte. Zulke beelden zeggen sowieso iets over jezelf. Het waren hele bijzondere ervaringen, een soort levensechte droom. Ik voelde toen ook het absolute kwaad in mezelf. Ik was ‘de duivel’. Dat ben ik niet, ik kies juist voor liefde en vrijheid. En op dat moment vloog er ook iets weg. Het voelde aan als een inwijding, een moment waarop je een keuze maakt. Ik liet agressie, boosheid, het gevoel ‘ik ben het’ los. Je egocentrische kanten, het streven naar eigen gewin ten koste van anderen. Liefde is niet alleen aan jezelf denken, maar ook aan je medemens.
Vroeger kon ik niet huilen, maar nu hoeft er maar dit te gebeuren en ik kan direct meehuilen met iemand. Ik kan beter meevoelen, me gemakkelijker met iemand identificeren, meeleven met anderen.
Ik kies ervoor mezelf te accepteren. Dat is gemakkelijker voor mij dan voor veel anderen en daarom ben ik in zekere zin blij dat ik een rolstoel zit, omdat me dat geholpen heeft te worden zoals ik ben.

Heb je nog een bepaalde spirituele ontwikkeling doorgemaakt na die ‘inwijding’?
Ik heb een eigen organisatie opgericht, Nieuwe Wegen genaamd. We organiseerden lezingen in een buuthuis, over allerlei dingen, zoals alternatieve geneeswijzen, aura’s, chakra-readers, enzovoort. Maar daar ben ik op een gegeven moment mee gestopt, omdat ik er niet meer achter kon staan. Het ging in de New Age-wereld steeds weer over ‘kosmisch bewustzijn’ maar ik ontdekte dat veel mensen niet met anderen overweg konden. Ik zeg wat dat betreft wel eens: “Voordat je met God en een kosmisch bewustzijn omgaat, moet je eerst maar eens leren om met de caissière om te gaan.” Yoga, meditatie en Reiki is voor veel mensen een vlucht. Het werd veel te zweverig. Het is ook levensgevaarlijk om je zo maar over te geven aan mensen die bijvoorbeeld beweren dat ze chakra’s en aura’s kunnen. Die zullen heus wel dingen zien, maar er komt veel ruis bij kijken. Wat zij beweren kan een hele druk op je leggen, terwijl het gaat om hun projecties, om hun eigen interpretatie. Overigens kan iemand natuurlijk wel bepaalde gaven hebben, maar wat je vaak ziet is dat die persoon dan alle verantwoordelijkheid voor het gebruik van die gave afwijst, en zichzelf ziet als niet meer dan een instrument of doorgeefluik van iets hogers. Daarmee onttrek je je dus aan je verantwoordelijkheid. Jij blijft verantwoordelijk, juist ook als je zulke gaven hebt. In de New Age-beweging zie je veel te vaak dat men dingen buiten zichzelf plaatst, net als in het christendom. Het gaat er meestal weliswaar wat vrolijker aan toe dan onder grefo’s, maar het principe blijft hetzelfde.

Een jongen met wie ik die organisatie had, ging aan een soort grootheidswaanzin lijden. Hij dacht echt dat hij alles wist en gedroeg zich opeens als een goeroe. Hij wist overal de oplossing voor. Maar ik vind dat je wel over jezelf kunt oordelen, maar niet over anderen.
In mijn jeugd was ik zelf ook wel een beetje zelfingenomen. Ik straalde uit dat ik echt iemand was, op alle terreinen. Allerlei ervaringen met pijn en dood hebben heel veel respect bij me afgedwongen voor de medemens in nood. Ik heb zelfs behoorlijk veel moeite met nogal wat valide mensen. Ze klagen altijd maar en tonen geen zelfvertrouwen. Sommige invaliden zijn gelukkiger dan veel valide mensen.
Verder heb ik een mooie eenheidservaring gehad met een spirituele vriendin, zonder met haar naar bed te gaan. Die vriendin was platonisch verliefd op me en tegelijk had ze ook nog aardsere gevoelens voor een andere man. Ze moest leren om vanuit haar eigen kracht te leven, waardoor we onze vriendschap moesten beëindigen. Dat heeft me heel veel moeite gekost, ik ben er ongeveer een jaar depressief van geweest, omdat het zoveel voor me betekende.
Ook had ik een ervaring tijdens een trance-oefening waarbij je eerst een boom moest zijn en uiteindelijk de hele aarde. Ik voelde echt dat ik de hele aarde was en kon daardoor een aantal mensen vergeven, op een diep doorvoelde manier. Niet vergeven heeft met bepaalde angsten te maken. Wat jou raakt en boos maakt zegt iets over jou. Zo was ik in mijn jeugd al heel emotioneel over hakenkruizen en dergelijke en kwam er later achter dat dat met mezelf te maken had. Het oordeel van de maatschappij krijgt zo ook minder waarde.
Dat was een enorme ervaring. Maar Ken Wilber, de transpersoonlijke psycholoog, waarschuwt terecht voor de waangedachte dat je er al helemaal bent.

Hoe zie jij jezelf?
Ik hou echt van mezelf zoals ik ben. Door mijn handicap heb ik hele moeilijke èn hele waardevolle dingen meegemaakt. Ik ben continu op mijn fouten aangevallen en ik heb al heel vroeg geleerd dat je juist moet kijken naar je mogelijkheden. Door de ervaringen die je meemaakt, krijg je een wereldbeeld. Ziekte en ongelukken vormen een uitdaging, een mogelijkheid om te groeien.

Pas geleden zie ik tegen een buurmeisje spontaan: “Goh wat hou ik van mezelf”. Ze zei toen: “Als een ander dat zegt, komt het narcistisch over.” Ze begreep dat ik niet bedoelde dat ik meer was dan een ander.
We hebben in Nederland te maken met de collectieve ziekte van het calvinisme. Je mag niet huilen, maar je mag ook niet van jezelf houden. Terwijl huilen alleen maar menselijk is. Veel mensen verdringen en verdrukken van alles. Ook al hebben valide mensen meer kansen, ze leven vaak niet in het hier en nu. Ze zijn heel conformistisch, maar ben je dan gelukkig? Op Prinsjesdag zie je van die gelovige types als Donner en Willem Alexander, hartstikke rijk, maar ze hebben altijd een depressieve uitdrukking op hun gezicht. Daar wil je toch niet bijhoren?

Hoe zou je je eigen spirituele ‘kleur’ omschrijven?
Ik maak onderscheid tussen geloof en religie. Zelf heb ik het nooit over geloof. Ik ben geen atheïst en ook geen agnost, maar een gnosticus. Daarbij doel ik trouwens niet op die specifieke oude gnostische traditie die de aarde en het aardse leven wil ontkennen. Die associeer ik eerder met geloof. Kijk maar naar een man als Balkenende. Die had het vroeger altijd over God, over zijn geloof in God. Hij wordt ‘geleid’ en bidt veel, maar hij neemt geen eigen verantwoordelijkheid. Balkenende kijkt op tegen mensen zoals de koningin, die is een echt icoon voor hem. Hij kan het niet hebben als daar grappen over worden gemaakt. Maar hij heeft geen respect voor armen. Ik moet dan denken aan het leven van Jezus. Hoe hij te keer ging tegen de kooplieden in de Tempel en tegen de Farizeeërs. Dat schijnheilige gedrag van die Farizeeërs zie je nu nog dagelijks. Bij extremistische moslims spreek je dan van de onverdraagzame, uiterlijke soort jihad.
Je hoeft niet te denken in termen van hoger en lager, want ook in jezelf kun je bij je eigen goddelijke kern komen. Als ik jou pijn doe, doe ik in feite mezelf pijn.
Gelovige mensen zijn vaak bange mensen, het zijn slachtoffers. Religieuze mensen, in mijn definitie, zijn blij, want ze mogen zichzelf zijn.
Spiritualiteit is niet vrijblijvend, en ze kan daardoor ook heel gevaarlijk zijn. Adolf Hitler had een duidelijke spirituele inslag. Hij geloofde in een Duizendjarig Rijk. Madame Blavatsky verkondigde een rassenleer en die heeft Hitler overgenomen. Hij stichtte samen met anderen een nieuwe Germaanse rituele stroming. De symbolen die ze overnamen, zoals de de swastika en de runen stammen ontegenzeggelijk uit een spirituele context.
Daaraan kun je zien hoe gevaarlijk spiritualiteit kan zijn.
Ook bij gelovige joden zie je trouwens dat ze wel bidden voor de klaagmuur, maar vervolgens een mitrailleur pakken om Palestijnen aan te vallen. En gelovige moslims gaan echt helemaal op de knieën als ze bidden, maar ze staan soms een gewelddadige soort jihad voor.
Zulke gelovigen bidden in feite alleen voor hun eigen groep. Alsof God uitverkorenen zou kennen, terwijl hij er natuurlijk voor alle mensen is.
Als er een God is, bestaat hij buiten en tijd. Ik heb bijvoorbeeld zelf een keer een joodse jongen met een keppeltje ontmoet in het ziekenhuis in Amstelveen, een vrijwilliger die me thee kwam brengen. Hij herkende mij als organisator van lezingen. Ik wees hem op een lezing over soefisme, maar hij zei direct dat hij daar niet heen kon gaan, omdat het met de islam te maken had, en hij een gelovige jood was. Het had geen zin om daar tegenin te gaan. Natuurlijk begrijp ik best dat de Holocaust een vijandbeeld jegens de buitenwereld versterkt kan hebben. Maar een gnosticus zou dit toch zien als een projectie op de buitenwereld, in de trant van “Jij hebt mij pijn gedaan; ik zal je krijgen!”.Terwijl je in feite naar binnen zou moeten kijken, want jij bent zelf degene met het probleem.
In de New Age-beweging heb je ook allerlei stromingen. Ik heb zelf enige tijd bij een soort sekte gezeten. Om gered te worden moest je op een bepaald ‘level’ zien te komen. Die lui verkondigden veel rechtse ideeën, met een ondertoon van “wij zijn beter”.

Zie je een verband tussen dat type spiritualiteit en de verrechtsing in Nederland?
Ja, die ‘grefo’s’, zoals Balkenende en Donner weten wat goed is voor het volk, en je zult moeten luisteren. Grefo’s zijn niet altijd de gelukkigste mensen, ze mogen niets, ze ontkennen het leven. Je kunt wel allerlei spirituele idealen nastreven en ook in God geloven, maar als je niet in jezelf geloof, dan klopt dat niet.
Bush en Balkenende zijn beiden christenfundamentalisten. Hoe harder mensen roepen dat God dit wil of dat Allah dat wil, hoe verdachter je dat moet vinden. Ze zijn er dan op uit om je te knechten.
Het ‘Vrije’ Westen bombardeert Irak en andere landen in de Derde Wereld in naam van de vrijheid, maar in feite gaat het om propageren van het christelijke geloof, het is een kruistocht. Onlangs heb ik een jonge Amerikaanse militair in Irak op de televisie horen zeggen: “We komen het christendom brengen.”
Balkenende heeft trouwens nooit eigen ideeën. Er zitten altijd minstens vijf ministers bij als hij een verklaring aflegt. Hij kan niet zelfstandig nadenken. Hij volgt Bush bijvoorbeeld ook als een schoothondje.
Een pikant detail is dat hij nota bene op Uilenstede heeft gewoond, in de jaren ’70. Hij heeft toen helemaal niets meegemaakt van het rijke, gevarieerde programma. Balkenende is bang en schichtig, het is geen volwassen man, maar een jongetje. Hij is ook erg krampachtig over dogma’s van de Kerk. Veel spirituele stromingen ontkennen zoals gezegd het aardse bestaan en ook Balkenende straalt continu dat soort stress uit.
Al die mensen worden bang gemaakt voor krachten buiten zichzelf, voor God en de duivel. Er gebeuren de meest verschrikkelijke dingen. Alles buiten jouw groep heeft direct te maken met de duivel.
Als gelovige mag je nooit oog hebben voor jezelf, maar je moet altijd alleen maar klaar staan voor anderen. Je bent overgeleverd aan anderen. Terwijl een echt religieus iemand een authentieke persoonlijkheid heeft, en weet wat hij wil. Zo iemand leeft vanuit vrijheid en onderzoekt zichzelf. De Dalai Lama en Mahatma Ghandi zijn twee mooie voorbeelden van echt religieuze mensen. Als je religieus bent, zie je de eenheid, de verbinding. Religiositeit is verbinding maken tussen het hogere en het lagere, vooral ook in jezelf. Die twee moet je integreren.
Balkenende is geen christen in de religieuze zin. Er is geen verband met de historische Jezus Christus. Hij is een christenfundamentalist. Een kruising tussen een kerkvader - met dat vingertje altijd, alsof hij de waarheid in pacht heeft – en een maffiabaas. Hij heeft zelf nooit iets meegemaakt, maar op de een of andere manier weet hij wel alles beter. “Het gezag moet weer terugkomen!” Hij neemt klakkeloos dingen over uit de bijbel en zoekt niet zelfstandig naar antwoorden. Hij is sociaal-emotioneel onderontwikkeld. Een religieus iemand zal niet steeds over God praten, die voelt niet de bedoeling om anderen te bekeren of hen te dwingen zich aan te passen aan het eigen geloof.
Wouter Bos is ook gereformeerd van huis uit en Marijnissen heeft een katholieke achtergrond, maar dat zijn nu allebei heel sociale mensen. Ik zie die twee echt als heel spirituele mensen, ook al zouden ze dat zelf tegenspreken.
Balkenende verlangt in feite terug naar de jaren ’50; het was weliswaar klote maar het was tenminste wel duidelijk voor hem. Pas nu komt hij in aanraking met de boze buitenwereld, met wat hij ervaart als Sodom en Gomorra.

Komt je onderscheid tussen geloof en religie overeen met het traditionele onderscheid tussen exoterisch en esoterisch?
Iemand heeft wel eens tegen me gezegd dat ik praatte als een vrijmetselaar. Ik voelde me wel vereerd, maar ik wil openheid en dialoog, ervaringen uitwisselingen en geen geheime club. Ik ben zelf geen voorstander van geheimen. Dus nee, dat is een ander onderscheid.

Ben je zelf politiek geëngageerd?
Ja, dat kun je wel zeggen! Ik ben lid van de Socialistische Partij, omdat die uitgaan van gelijkwaardigheid. Daar zal een hiërarchisch denkend iemand als Balkenende nooit bijhoren.
De SP staat trouwens zeker open voor mensen met spirituele achtergronden. In feite moeten we nu de taken verrichten die eigenlijk bij het CDA zouden moeten horen. Vroeger nam de PVDA het trouwens og op voor de gewone arbeiders, maar nu moet de SP die rol op zich nemen. Jan Marijnissen is een echte bouwvakker, maar hij lees veel boeken en hij is heel zorgvuldig. Ik beschouw hem als heel religieus en spiritueel.
De marxistische leuze dat geloof neer zou komen op opium voor het volk, klopt zeker. Maar dan hebben we het over geloof en niet over religie. De SP is niet zo maar tegen spiritualiteit in het algemeen.
De mensen hebben het over Bak-ellende, ze pikken het huidige rechtse beleid niet langer. Ze kakken, schijten allemaal op die Balkenellende.

Hoe verklaar jij het dat we in Nederland zo’n golf van verrechtsing hebben meegemaakt?
Dat heeft te maken met Pim Fortuyn en met de aanslagen van 11 september. Daardoor zijn mensen bang geworden en teruggevallen op de culturele basis van protestantisme en het calvinistische gedachtegoed.

Associeer jij christendom automatisch met geloof?
Nee, niet per se. Je hebt ook mensen als Majoor Bosschard. Die is authentiek en leeft echt vanuit haar hart. Maar bij veel grefo’s zie je dat ze alleen goed doen om er later voor beloond te worden in de hemel.
Die De Geus bezuinigt trouwens op de meest zwakke groepen, wat in strijd is met de kern van de christelijke ethiek.

Ben je pessimistisch over de toekomst?
Nee, er zit zelfs een positieve kant aan de afbraak die we nu beleven. De solidariteit en verbondenheid komen zo weer aan het licht. Je ziet dit over de hele wereld. In het anti-globalisme, bij bewegingen die opkomen voor gelijke rechten voor vrouwen, mannen en kinderen, over de hele wereld is er sprake van een tegenbeweging van solidariteit. Bijna iedereen was bijvoorbeeld tegen de oorlog in Irak. Dit zijn mooie ontwikkelingen.
Ik denk toch dat we in een transformatieproces zitten. Dat de botsingen tussen de islam en het christendom bijvoorbeeld horen bij een soort laatste nasleep.
Het individualisme zou volgens sommigen tot verloedering leiden, maar dat is helemaal niet waar. Kijk bijvoorbeeld maar naar de viering rond het overlijden van André Hazes. Of naar de grote demonstratie deze maand, met meer dan 300.000 deelnemers.
De meeste mensen die ik tegenkom groeten je ook vriendelijk en ze staan altijd klaar voor je.
Balkenende projecteert in zijn geklaag over normen en waarden zijn eigen problemen op Nederland. Hij is heel erg bang en onzeker, dat zie je aan alles. Net als veel andere grefo’s wil hij bijvoorbeeld een dressing code in openbare gebouwen. Er mogen opeens geen hoofddoekjes of honkbalpetjes meer gedragen worden, en ook de blote buiken moeten weer zedig bedekt worden. Je ziet daarin enerzijds dat hij niets begrijpt van jeugdcultuur of culturele identiteit, want daar hebben we het over als het om hoodfddoekjes of petjes draait. Die meisjes met een hoofddoek ervaren dat als een stukje houvast, als iets van hun eigen culturele achtergrond. Je kunt dat vergelijken met een student van 18 of 19 met een plaatje van Nijntje in zijn agenda of als poster aan de wand. Dat biedt ook houvast.
Anderzijds zie je dus ook dat Balkenende bang is voor bloot. Dat kenmerkt die gereformeerde mentaliteit, een krampachtige angst voor alles wat maar enigszins met seksualiteit in verband gebracht kan worden. Het is niet voor niets dat er juist in dergelijke kringen het grootste aantal incestgevallen voorkomen. Het is bijvoorbeeld heel normaal als mannen en vrouwen als ze dat willen naar porno kijken. Het gaat erom dat je dat je die uitingen van seksualiteit gewoon accepteert. Maar Balkenende gelooft dat hij al zondig was voor zijn geboorte.
Ik heb ook veel moeite met dat voortdurende gewijs naar de moslims. Nog maar een generatie of wat geleden werden katholieke meisjes die ongehuwd zwanger waren geworden in een klooster gestopt. Ze werden daar mishandeld, geslagen en hun baby’s werden direct na de geboorte afgepakt. We hebben het hier over recente vaderlandse geschiedenis. Laten we eerst eens naar onszelf kijken voordat we naar andere wijzen.
Zelf kom ik alleen maar leuke, ontwikkelde moslems tegen, bijvoorbeeld Turkse studenten. Dat zijn keurig nette en goed gebekte jongelui. Ik zie het probleem echt niet.
Grefo’s hebben het over de tien geboden, maar ze erkennen niet dat moslims die regels net zo goed onderschrijven. Mensen als Balkenende eisen alleen maar arrogant van anderen dat die zich aanpassen. Het is zo respectloos. Je bent arrogant als je je eigen wereldbeeld wil opdringen aan een ander. Dat komt feitelijk neer op een soort moderne kruistocht.
Kijk eens wat meer naar de wereld, zou ik tegen Balkenende willen zeggen. De mensen moeten beschouwelijker worden en meer respect opbringen voor zichzelf en de medemens. De uiterlijke wereld is een reflectie van de innerlijke woorden. Je oogst wat je zaait met dat calvinisme. Het zou goed zijn als Balkenende dat benauwde perspectief eens losliet en dingen probeerde te bekijken door de ogen van God.

Wat zou er moeten gebeuren?
Mensen moeten leren zichzelf te worden. Vergis je niet hoe mooi je bent, hoeveel mogelijkheden je hebt. Bevrijd jezelf van je blokkades. Alles is mogelijk!
Ik beschouw wat er nu gaande is als een achterhoedegevecht, want de weerstand tegen de regering Balkenende is zo groot! Het is de arrogantie van de macht. Wat bedoelt hij met normen en waarden? Hij heeft zélf juist geen normen en waarden. Hij laat zich regeren door Zalm, hij heeft leiding nodig. Dat stokpaardje van die normen en waarden is niet eens van hemzelf afkomstig, maar van een Amerikaanse socioloog.
Ik vind het op zich wel gunstig voor hem dat hij nu (september 2004) in het ziekenhuis ligt voor zijn voet. Hij komt zo in een situatie terecht die hem een spiegel voorhoudt. Een soort cursus empathie. Hij is nu op zichzelf teruggeworpen, vastgeketend aan zijn bed en afhankelijk van eenvoudige verpleegkundigen. Dat is allemaal ver beneden zijn niveau. Ik hoop dat hij op deze manier bepaalde zaken leert inzien.

Kunnen gnostici een rol spelen in verandering?
Jazeker, want gnostici zijn zowel naar binnen als naar buiten gericht als het goed is. Er zijn heel goede initiatieven opgezet, bijvoorbeeld scholingsprojecten. Of het maken van speelgoed voor kinderen in de Derde Wereld. Daarbij is bewust of onbewust steeds sprake van een spirituele bezieling.
Wij zijn allemaal verschillende expressies van het Al of God. Dat Al groeit met de mensheid mee. We hebben dus deel aan de schepping. Ieder mens telt mee. Samen maken we de wereld mooier.
We zijn vergeten dat we met elkaar verbonden zijn door onze opvoeding. Het leven komt neer op een initiatie, een individuatieproces om terug te gaan naar die eenheid. Mensen zijn allemaal subpersoonlijkheden van God. Het is ieders verantwoordelijkheid om te beslissen of je het leven mooi of lelijk wil maken.
Als kind dacht ik al: “Ik richt mijn eigen maatschappij op, want ik ben het er niet mee eens, hoe het allemaal gaat.” Ik heb respect voor andere mensen. Ik veroordeel niet, maar stel wel grenzen. Zo respecteer ik zelfs Balkenende, Bush en Osama Bin Laden nog, maar het probleem is alleen dat zij mij dingen opleggen.
Je bent op de allereerste plaats mens, en geen jood, christen of moslim. Je moet met elkaar in dialoog gaan als mensen, als gelijkwaardige partners. Ieder mens is gelijkwaardig. Mannen, vrouwen en kinderen. Dat geldt zelfs voor dieren en de natuur.


Een volledig overzicht van de eerstvolgende avonden vindt u in ons programma.

Terug naar index


Sander van Ankeren
coördinator van de lezingen van Naderend Vuur

 
 
AT5 TXT pagina 405 : Naderend Vuur
 
© 1998-2004 Naderend Vuur
  Xmedia